Jacobus de Meerdere, Zeeland


De ramen

De gebrandschilderde ramen in de St.-Jacobuskerk te Zeeland zijn tussen 1915 en 1925 vervaardigd door het bekende atelier F. Nicolas & Zonen. Archiefonderzoek heeft vooralsnog geen dateringen van afzonderlijke ramen opgeleverd, maar met enig voorbehoud kan er toch iets over worden opgemerkt.

De eerste gebrandschilderde ramen zullen geplaatst zijn in de apsis, de belangrijkste ruimte van de kerk. Deze drie ramen in neogotische stijl zijn dus hoogstwaarschijnlijk te dateren in 1915 of kort daarna. 1915 is het jaar waarin architect Van Groenendaal de kerkverbouwing heeft voltooid; kennelijk is toen besloten het interieur met gebrandschilderd glas in lood te verfraaien.

Dezelfde datering geldt misschien voor de vier ramen met eucharistische symbolen in de zijwanden van het priesterkoor. Deze zijn enigszins beïnvloed door de Art Nouveau. (De Art Nouveau is een decoratieve stijl met een voorliefde voor motieven uit flora en fauna. Kenmerkend zijn zwierige, golvende lijnen.)

De symboolramen in de zijbeuken zijn hoogstwaarschijnlijk wat later te dateren. Van één raam in de rechterzijbeuk kennen we het precieze jaartal. Het is blijkens een opschrift in 1922 geschonken door ene J.G.D. ter gelegenheid van een 25-jarig jubileum. Het is geenszins uitgesloten dat in hetzelfde jaar de hele reeks zijbeukramen is geplaatst.

De deugdenramen in de St.-Jacobuskapel en St.-Corneliuskapel zijn qua vormgeving vergelijkbaar met de zijbeukramen en zullen ongeveer gelijktijdig gerealiseerd zijn.

Voor het overige glas in lood houden we de periode 1915-1925 aan.

de glazenier

F. Nicolas & Zonen

Frans Nicolas sticht in 1855 in Roermond een atelier voor gebrandschilderd glas. Aanvankelijk voert hij vooral restauratieopdrachten uit, maar al snel maakt hij ook veel nieuwe ramen.

Zijn samenwerking met de architect P.J.H. Cuypers, die talrijke kerken bouwt in die periode, draagt hier in belangrijke mate aan bij en zijn bedrijf groeit uit tot het grootste in zijn soort van Nederland. Aanvankelijk zijn de ontwerpen vooral van Frans Nicolas zelf, maar aan het eind van de negentiende eeuw worden ook andere – vaak buitenlandse – ontwerpers ingeschakeld.

Door de toegenomen vraag naar gebrandschilderd glas krijgt het atelier een fabrieksmatige organisatiestructuur. Zo worden het tekenen van het ontwerp, het vervaardigen van het karton (ontwerp op ware grootte), het glas snijden, alsmede het beschilderen, branden en in het lood zetten van de ramen door gespecialiseerde ambachtslieden uitgevoerd. De nadruk ligt op neogotisch werk, maar atelier F. Nicolas kan leveren in alle mogelijke stijlen. Er wordt garantie afgegeven voor de degelijkheid van het werk.

In 1880 worden de beide zonen van Frans, te weten Charles en Frans jr., vennoten in het bedrijf, dat voortaan de naam F. Nicolas en Zonen gaat voeren. Frans jr. is vooral werkzaam als ontwerper en Charles heeft de zakelijke leiding. Het atelier is actief in heel Nederland, maar ook over de grens en probeert zelfs voet aan de grond te krijgen in de Verenigde Staten. Tal van glazeniers en kunstenaars vinden er een leerschool.

Vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw vervaardigt ook Joep Nicolas, een zoon van Charles, ontwerpen voor het bedrijf. Hij ontwikkelt zich algauw tot een van de belangrijkste Nederlandse glazeniers van zijn tijd, met een beweeglijke, schilderachtige stijl waarin neogotiek geen rol meer speelt. Elementen uit de vrije kunst worden door hem in de glasschilderkunst geïntroduceerd.

De Duitser Max Weiss neemt het atelier over als Joep Nicolas in 1939 naar de Verenigde Staten emigreert.

meer informatie :

  • Carine Hoogveld : Glas in lood in Nederland 1817-1968
  • wikipedia


volgende : de verering van Jacobus de Meerdere

vorige : de geschiedenis van de kerk