de glazenier en ontwerpers van Antonius van Paduakerk Best


De glazenier en ontwerper Pierre van Rossum (1919-2003)

Na de lagere school in Herpen en Oss, gaat Pierre van Rossum naar het Canisiuscollege in Nijmegen en vervolgens naar de kunstacademie in Arnhem. Praktijk- ervaring doet hij op bij de bekende glazenier Joep Nicolas en de firma Gebroeders Den Rooijen, beiden in Roermond. Later vestigt hij zich als zelfstandig glazenier in Kampen.

Uit 1943 dateren twee ramen met de beeltenissen van St. Hubertus en St. Sebastianus, de patroonheiligen van Van Rossums geboortedorp Herpen. Deze zijn in het museum voor vlakglas- en emaillekunst in Ravenstein ondergebracht. Tezelfder tijd ontstaan zes gebrandschilderde ramen voor de St.-Sebastianuskerk in Herpen, gefinancierd door zijn vader. Deze ramen zijn niet meer aanwezig. Ook voor het ouderlijk huis aan de Rogstraat te Herpen maakt de kunstenaar een raam.

Niet ver van Herpen zijn ramen van zijn hand te vinden in de St.-Luciakerk te Ravenstein (in samenwerking met Piet Koppens), de H. Maria-Magdalenakerk te Geffen en de kapel van Onze Lieve Vrouw van Zeven Smarten te Megen. Ook elders in Noord-Brabant is Van Rossum werkzaam. De complete beglazing van de St.-Servatiuskerk in Borkel (bij Valkenswaard) en een gedenkraam voor het Bisschoppelijk Paleis in ’s-Hertogenbosch zijn eveneens van zijn hand.

De Antonius van Paduakerk in Best (Wilhelminadorp) toont een veelheid gebrandschilderde ramen van zijn hand, zowel het ontwerp als de uitvoering. Van Rossum is niet alleen zeer verdienstelijk als glaskunstenaar, maar ook als kunstschilder. Hij heeft in opdracht het grote eikenhouten kruis boven het hoofdaltaar beschilderd. Op de muur boven het Maria-altaar schildert hij Maria Tenhemelopneming en op de muur boven het Jozefaltaar Sint Jozef, patroon van de arbeid. Beide muurschilderingen zijn niet meer te zien.

Van Rossum maakt ook, in nauw overleg met pastoor Duffhauss, met 12 staties de kruisweg in chamotte af waarvan al twee staties waren gemaakt door Martin Roestenburg.

Van Rossum emigreert naar Canada, later naar de Verenigde Staten van waaruit hij veel opdrachten krijgt. In de Verenigde Staten ontstaan vooral gebrandschilderde ramen, wandschilderingen, mozaïeken en grafiek van zijn hand, zoals in de kathedraal van Washington en in diverse overheidsgebouwen.

De ontwerper Josephus (Jozef) Duffhauss (1900-1963)

Deze markante persoonlijkheid in zijn tijd als bouwpastoor van de Antoniuskerk verdient nadere aandacht. Hij wordt gekenschetst als een sober levend persoon; zijn goedheid, vrijgevigheid en gastvrijheid worden geroemd.

Hij volgt de priesteropleiding aan het seminarie te ’s-Hertogenbosch en wordt in 1927 daar tot priester gewijd. Hij overlijdt in 6 februari 1963 en ligt begraven op de begraafplaats van zijn kerk.

In het Memoriale van 1939 over de geestelijke verzorging in Batadorp (zie kerk- geschiedenis) staat, dat op 24 februari als rector en zielzorger op de Bata is aangesteld Jos. (J.O.C.C.) Duffhauss. Zijn voorlopig onderkomen bevindt zich in de pastorie van de St.-Odulphusparochie te Best. Een gedeelte van de kantine op het Bataterrein wordt rectoraat en gebruikt als kerk. Dit rectoraat is gewijd aan Sint Jozef. Duffhauss neemt echter geen genoegen met alleen het pastoraal werk.

Hij ontplooit activiteiten op het gebied van onderwijs, jeugdzorg en niet te vergeten ontspanning. Hierin wordt hij ondersteund door de directie van de Batafabrieken. De wens van de bouw van een eigen parochiekerk leeft niet alleen bij de directie, maar ook bij Duffhauss.

In juni 1941 benoemt Mgr. A.F. Diepen, bisschop van ’s-Hertogenbosch, rector Duffhauss tot bouwpastoor van de nieuwe parochie St.-Antonius van Padua. De Bata ziet deze kerk graag gebouwd in Batadorp-zelf, maar de bouwpastoor geeft de voorkeur aan vestiging tussen Batadorp en Best. Zo geschiede; het Wilhelminadorp is geboren.

Er verrijst een noodpastorie tegen de St.-Jozefschool (1942) aan en in verband met de aanwas van bewoners na de oorlog wordt in 1948 in enkele weken een noodkerk gebouwd en op 25 december dat jaar ingewijd. De bouw van een stenen kerk wordt gepland en in januari 1949 wordt ir. Geenen te Eindhoven als architect aangetrokken en de firma Van Heesewijk te Best de bouwopdracht gegund.

Zoals hierboven aangegeven valt op te merken, dat bouwpastoor Duffhauss een doorslaggevende visie heeft op de locatie van de kerk. Ook bij de bouw en de invulling van het interieur van de kerk voelt hij zich nauw betrokken.

Dat Duffhauss graag aanwijzingen zou geven over de inhoud van de afbeeldingen op de ramen, past in zijn gedrevenheid. Glaskunstenaar Pierre van Rossum geeft zijn eigen artistieke invulling voorrang. De samenwerking blijkt goed tussen hen. Over de symboliek van de lammeren en schapen (geloofsgemeenschap) en de gutsende waterbronnen en -putten (heilzaamheid) op de sacramentramen laat bouwpastoor Duffhauss zich lyrisch uit.

Op 15 juni 1952 doet Duffhauss een boekje het licht zien ter gelegenheid van zijn 25-jarig priesterschap, zich richtend tot de parochianen. Daarin staat o.a. het volgende: In het middenschip staan nog aan weerszijden ‘n rij ramen te wachten op ‘t gebrandschilderd glas. Daar zullen ooit de Heiligen tronen. Inderdaad is dat gebrandschilderd glas aangebracht met daarop de heiligen.

De glazenier Van Rossum heeft Duffhauss, de opdrachtgever, uitgenodigd om niet alleen een ontwerp te maken van de vier, vrouwelijke, heiligen: Anna, Maria Magdalena, Theresia en Elisabeth van Thüringen, maar ook van Odulphus en van Jozef met Petrus. Passend bij de stijl van de heiligenramen van Van Rossum heeft Duffhauss een eigen stijl aangehouden, de Jugendstil.

Leo M. van der Sangen (1929)

Opgeleid als machinebankwerker aan de LTS te Eindhoven begint Leo van der Sangen zijn werkzaam leven bij een zilversmid. Zijn kunstzinnige aanleg ontwikkelt hij midden vijftiger jaren aan de Vakschool Goud- en Zilversmid te Schoonhoven. Inmiddels is hij als ontwerper verbonden geraakt aan BATA te Best en behaalt de tekenakte bij de Eindhovense Kunstnijverheidsschool. Gelijktijdig geeft hij als leraar-in-spe tekenlessen aan de BATA Nijverheidsschool.

In 1960 stapt hij als ontwerper en vormgever over naar Philips te Eindhoven, waar hij tot zijn pensioen werkzaam blijft.

Als zilversmid heeft hij veel ontwerpen gemaakt en uitgevoerd, zowel zilveren objecten voor kerkelijk gebruik als bijvoorbeeld gildenzilver en gildenvaandels. Van der Sangen is niet alleen zilversmid, maar ook kunstschilder en beeldhouwer. Ook in de Odulphuskerk te Best bevinden zich glas-in-loodramen van zijn hand.

De kunstenaar geeft aan dat Franciscus in zijn tijd een grote hervormer is geweest van de katholieke kerk. Van der Sangen ziet de huidige Paus Franciscus als de kerkelijke hervormer in deze tijd.

meer informatie :


volgende : de patroonheilige Antonius van Padua

vorige : de architect van de kerk